Klikzink
Wie voor het eerst met zinklook te maken krijgt, stuit al snel op de vraag welke dikte staal gebruiken voor zinklook, en het eerlijke antwoord is dat dit per project verschilt. Er bestaat geen vaste dikte die overal goed is. De keuze hangt samen met de ondergrond, de overspanning van de banen en het soort project: een dak vraagt om iets anders dan een gevel.
Staal voor zinklook is altijd voorzien van een coating die het uiterlijk van zink nabootst, maar de drager eronder is en blijft staal. Dat materiaal is van zichzelf al stug, waardoor relatief dun staal al voldoende stijfheid heeft om een strakke baan te vormen. In de praktijk zien we voor daken vaak een dikte rond 0,5 millimeter. Dat is genoeg om de baan vlak te houden, mits de ondergrond goed aansluit en de bevestiging op de juiste afstand gebeurt. Hoe die bevestiging precies werkt, leggen we elders uit in het artikel over het bevestigen van zinklook platen op een dak.
Bij gevels ligt dat net anders. Een gevelvlak wordt van dichtbij bekeken, vaak op ooghoogte, en oneffenheden vallen daar sneller op dan op een dakvlak dat je van een afstand ziet. Daarom kiezen we voor gevelbekleding regelmatig voor iets dikker staal, in de orde van 0,6 tot 0,7 millimeter. Dat dikkere materiaal is minder gevoelig voor deuken door bijvoorbeeld een steiger die er tegenaan komt, of voor golving door temperatuurswisselingen over een lange baan. Bij grote, onderbroken gevelvlakken speelt dat extra sterker, en dat onderwerp komt uitgebreider terug in het artikel over zinklook op grote gevelvlakken.
Dikker staal is niet automatisch de betere keuze. Het is zwaarder, lastiger te verwerken in bochten en detailwerk, en duurder zonder dat het probleem dat u probeert op te lossen daarmee wordt weggenomen. Als een dak bijvoorbeeld golft door een slechte ondergrond, lost een dikkere plaat dat niet op: het probleem zit dan in de opbouw eronder, niet in de dikte van het staal. Hetzelfde geldt voor een dak dat gevoelig is voor hagelschade door lage kwaliteit coating; dat is een ander vraagstuk dan de staaldikte zelf.
Ook de baanbreedte speelt een rol in deze afweging. Een smalle baan heeft minder steun nodig dan een brede baan, dus bij smallere banen kan vaak met dunner materiaal worden volstaan, terwijl bredere banen eerder om extra dikte vragen om vlak te blijven liggen. Wilt u weten welke baanbreedte in uw situatie logisch is, dan is daar een apart artikel over geschreven: welke baanbreedte past bij zinklook op uw dak.
Tot slot telt ook de windbelasting mee, vooral bij hogere gebouwen of op open, onbeschutte locaties. Hoe hoger de belasting, hoe belangrijker het wordt dat de bevestiging en de plaatdikte op elkaar zijn afgestemd. Dat is geen vast rekenwerk dat u zelf hoeft uit te voeren, maar wel iets waar bij de opname naar gekeken wordt.
Kortom, de vraag welke dikte staal gebruiken voor zinklook is geen vraag met één antwoord, maar een afweging tussen het type project, de baanbreedte, de windbelasting en de plek waar de bekleding komt. Heeft u een concreet dak- of gevelproject voor ogen, meet dan de oppervlakte en het soort ondergrond op, en leg die gegevens voor. Dan kan op basis daarvan bepaald worden welke dikte voor uw situatie logisch is.