Klikzink

Zinklook of echt zink op een dakkapel: het verschil

Een dakkapel is klein. Dat is precies waarom de vergelijking met echt zink hier anders uitpakt dan bij een groot dakvlak. Bij een groot vlak verdwijnt een verschil in gewicht of een paar centimeter baanbreedte in de totale schaal. Bij een dakkapel van twee meter breed ziet u alles: hoeveel banen er liggen, waar de fels precies valt ten opzichte van het kozijn, en hoe zwaar de constructie moet zijn om het dak te dragen.

Een vierkantemeterprijs zegt daarom weinig. Wat een offerte voor een dakkapel duurder of goedkoper maakt, zit niet in het materiaal per meter maar in een reeks kleinere posten die per situatie verschillen: het aantal hoeken en overgangen, de manier waarop de zijkanten worden afgewerkt, het loodwerk rond het kozijn, en de tijd die de plaatser nodig heeft om vier of vijf banen precies te laten uitkomen op de breedte van de kapel. Bij een groot dak vallen die posten weg tegen de oppervlakte. Bij een dakkapel zijn ze een groter deel van de rekening, en dat verschil zit er bij zink net zo goed in als bij onze zinklook: het is geen kwestie van het ene materiaal dat duurder uitpakt dan het andere, maar van een klein vlak dat naar verhouding meer werk per vierkante meter vraagt.

Waar zinklook wel degelijk verschilt, is het gewicht en de manier van bevestigen, en dat werkt door in wat er onder de bekleding gebeurt. Onze platen wegen ongeveer 5 kilo per vierkante meter, een fractie van wat zinken banen wegen. Bij een dakkapel die al een dakvlak, een voorzijde en vaak nog zijwangen te bekleden heeft, telt dat op. Een lichtere bekleding vraagt minder van de onderconstructie, en dat kan bij een bestaande dakkapel die verbouwd wordt het verschil maken tussen versterken of niet. Dat is een technisch punt, maar het heeft een beeldgevolg: minder zwaar materiaal betekent dat de plaatser zich minder zorgen hoeft te maken over doorbuiging, en dus dat de vlakken strak en vlak kunnen blijven liggen zonder golving die je op een klein oppervlak direct ziet.

De echte beeldvraag bij een dakkapel is de indeling. Onze banen hebben een werkende breedte van 475 millimeter, en die is niet vrij te kiezen: hij ligt vast. Bij een dakvlak van de kapel dat bijvoorbeeld twee meter breed is, past dat op ongeveer vier hele banen plus een restje. Dat restje is het probleem. Een dakdekker die er geen rekening mee houdt, laat een smal reepje over aan de rand, en dat springt op een klein vlak meteen in het oog. Bij zink is dit dezelfde rekensom met een net iets andere breedtemaat, dus het punt is niet dat zinklook hier moeilijker uitkomt dan zink. Het punt is dat een dakkapel, ongeacht het materiaal, vraagt om vooraf uitgerekende banen in plaats van banen die vanaf één kant worden weggelegd tot de rand vol is.

Wat wij vaak zien werken, is de restbaan verdelen over beide zijkanten in plaats van hem aan één kant te laten vallen. Dan ontstaan er twee gelijke, iets smallere randbanen in plaats van één opvallend smal randje. Op een dakvlak van drie meter breed geeft dat een andere verhouding dan op een dakvlak van anderhalve meter, en daarom leveren wij op maat: platen tot op de millimeter afgekort, zodat de baanindeling wordt bepaald door de kapel en niet door een standaardmaat die er per ongeluk op moet passen. Dat is precies waarom werk op tekening hier geen kostenpost is die wij u laten betalen: zonder die tekening krijgt u een dakkapel met vier rustige banen als het meezit, en een dakkapel met een storende naad als het niet meezit.

Richting speelt hierbij mee, en dat is iets anders dan bij een groot dakvlak waar de banen bijna automatisch de helling volgen. Bij een dakkapel is er vaak ook een verticaal vlak: de voorzijde, of de zijwangen. Loopt de bekleding daar door in dezelfde richting als het dakvlak, of wisselt de richting op de knik? Beide kan, en beide is bij ons materiaal even goed te maken, koud vouwbaar tot -15 graden zoals het is. Maar de keuze bepaalt of de kapel als één geheel oogt of als twee vlakken die toevallig aan elkaar grenzen, iets wat wij uitgebreider behandelen bij de richting van de banen bij een dakkapel. Bij zink ligt die keuze er precies zo, dus dit is niet het punt waarop de materialen verschillen. Het is het punt waarop een dakkapel meer nadenken vraagt dan een groot dakvlak, wat voor beide materialen geldt.

Het echte visuele verschil met zink zit niet in de indeling maar in het oppervlak zelf, en dat is bij een klein vlak juist beter te zien dan bij een groot. Onze coating heeft een glansgraad onder de 5, mat genoeg om niet te spiegelen, maar niet variabel zoals de huid van gewalst zink dat kan zijn. Zink heeft van nature lichte plekken en oneffenheden in het oppervlak die het licht net iets anders vangen; onze platen zijn overal gelijk. Op een groot dak vlakt dat verschil uit over de afstand. Op een dakkapel, waar u vanaf de tuin of vanaf de overkant van de straat naar één klein vlak kijkt, is die gelijkmatigheid juist wat opvalt als iemand van dichtbij vergelijkt. Wij zeggen dat liever eerlijk dan het te verbloemen: waaraan u het verschil met zink ziet, is precies dit soort dingen, en op een klein vlak ziet u ze eerder dan op een groot dak.

Waar dat verschil in de praktijk het minst opvalt, is bij de kleuren Nordic Night Black en Slate Grey; hoe donkerder de kleur, hoe minder de blik op zoek gaat naar variatie in het oppervlak. Metallic Dark Silver ligt qua toon dichter bij de kleur die zink na verloop van tijd aanneemt, en daar valt het gelijkmatige oppervlak eerder op naast een gepatineerd zinken dak in de buurt. Wilt u die drie kleuren naast elkaar zien voordat u kiest, dan hebben wij monsters van alle drie.

Er is ook een situatie waarin wij zeggen: kies hier niet voor zinklook. Bij een dakkapel op een rijtjeshuis in een straat waar de andere kapjes al jaren echt zink hebben, en waar dat zink zichtbaar aan het verkleuren is naar een grijzere, ongelijke tint, valt een nieuwe zinklook-kapel in matte, gelijkmatige kleur ernaast op als het duidelijk andere object dat het is. Niet omdat het slecht materiaal is, maar omdat het naast een verouderd zinken dak precies het verschil laat zien dat wij hierboven beschrijven, versterkt door het contrast met wat er al patina heeft. In zo'n straatbeeld, en al helemaal wanneer er welstandseisen gelden voor een beschermd gezicht, is het raadzaam om vooraf te bekijken of de gemeente hier zink verplicht stelt of dat een zinklook wordt toegestaan; dat is iets anders dan de vraag of het er hetzelfde uitziet.

Wilt u weten hoe de indeling er bij uw dakkapel concreet uit gaat zien, stuur ons dan de maten of een tekening. Wij rekenen de banen uit voordat er iets wordt bevestigd, en dat kost u niets.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink