Klikzink

Zinklook erker: de hoek waar gevels samenkomen

Een erker heeft geen platte zijkant zonder onderbreking. Twee, drie, soms vier vlakken staan onder een hoek naast elkaar, en op elke plek waar ze samenkomen ontstaat een lijn die niet vanzelf recht doorloopt. Dat is de kilhoek, of buitenhoek, en op een groot dakvlak valt zo'n hoek niet erg op omdat er verder weinig anders te zien is. Op een erker is het net andersom: er is weinig vlak en veel hoek, en de plek waar de banen van de ene gevel de banen van de andere gevel raken, is precies waar het oog als eerste naartoe gaat.

Dat komt door de fels. Elke baan zinklook heeft een opstaande naad van 35 millimeter die de baan ernaast vasthoudt en die als schaduwlijn zichtbaar blijft, ook van veraf. Op een vlak dakdeel lopen die naden allemaal in dezelfde richting en met dezelfde tussenafstand, en het patroon wordt onderdeel van de achtergrond. In een hoek van een erker draaien de naden van de twee vlakken een andere kant op. Aan de ene kant van de kil lopen ze bijvoorbeeld schuin naar links, aan de andere kant schuin naar rechts, en precies op de lijn waar ze elkaar ontmoeten moet een keuze gemaakt zijn over hoe die twee patronen samenkomen. Die keuze is zichtbaar, hoe netjes hij ook uitgevoerd is. Een erker verbergt dat niet, hij vergroot het uit.

Waarom dit meer opvalt dan bij een dakkapel of een uitbouw

Een dakkapel heeft meestal één hoofdvlak en twee zijkanten die klein zijn. Bij een erker is de verhouding vaak omgekeerd: de zijvlakken zijn net zo groot als het middenvlak, of groter, en de hoeken tussen die vlakken lopen van de dakvoet tot de nok in één ononderbroken lijn. Wie voor een erker staat, kijkt niet naar één vlak met een randje. Hij kijkt naar een lichaam met meerdere kanten, en de kil is de plek waar die kanten in elkaar overgaan. Op ooghoogte, vanaf de straat of vanaf het tuinpad, is dat precies de hoek die het dichtst bij de kijker staat en het meeste licht vangt of juist in de schaduw ligt.

Dat licht doet iets extra's. Omdat de coating een glansgraad onder de 5 heeft, kaatst het licht niet spiegelend terug maar dof, wat betekent dat een vlak vooral zijn kleur toont en weinig van zijn vorm. In een kilhoek verandert dat: twee vlakken onder een hoek vangen het licht nooit gelijk. Het ene vlak van de erker kan er 's middags donkerder uitzien dan het andere, simpelweg omdat de zon onder een andere hoek op elk vlak valt. Op een groot rechttoe-rechtaan dakvlak is dat verschil er ook, maar het is geleidelijk. Op een erker, waar de vlakken elkaar op een meter afstand ontmoeten, is het verschil abrupt: de kil wordt een scheidslijn tussen twee tinten van dezelfde kleur, en dat is een ander effect dan de schaduwlijn tussen de banen zelf.

Waar de vakman op let, en waar de leek het verschil ziet

De overgang in de kilhoek wordt op maat gemaakt: de platen worden op de gevraagde lengte afgekort en de hoek wordt in het werk gevouwen of met een aansluitend profiel opgelost. Hoe dat precies gebeurt, is voor deze pagina van minder belang dan het resultaat dat u ziet, en dat resultaat wordt vooral bepaald door drie dingen: of de baanbreedte van 475 millimeter aan beide kanten van de hoek gelijk uitkomt, of de fels op dezelfde hoogte de kil kruist, en of de kleur en de mate van glans aan beide zijden identiek zijn. Bij dat laatste punt gaat het weleens mis, niet omdat het materiaal verschilt, maar omdat platen die op een andere dag of in een andere richting gemonteerd zijn een net iets andere lichtval krijgen. Op een groot dakvlak valt dat weg tegen de rest. In een kilhoek van een erker, waar de twee vlakken elkaar op ooghoogte raken, ziet een geoefend oog dat verschil onmiddellijk.

Dit is ook de plek waarop wij het eerlijkst willen zijn over wat een zinklook wel en niet doet. Bij echt zink verandert het materiaal in de loop van jaren van kleur door oxidatie, en die verandering verloopt op elk vlak weer anders, ook in een kilhoek. Bij de gecoate stalen platen die wij leveren gebeurt dat niet: de kleur van vandaag is de kleur van over tien jaar, in Nordic Night Black, Slate Grey of Metallic Dark Silver, op elk vlak van de erker hetzelfde. Dat is een voordeel voor wie voorspelbaarheid wil, maar het betekent ook dat de kilhoek nooit dat verweerde, ongelijke patina krijgt dat bij zink juist de overgang tussen twee vlakken zachter maakt. Bij ons blijft de kil een scherpe, heldere lijn, en dat is precies wat sommige opdrachtgevers willen en anderen liever niet zien op een gebouw met een klassieke uitstraling.

Wanneer deze hoek de keuze verandert

Er zijn erkers waarbij de kilhoek zo scherp is, of zo kort, dat een volledige baanbreedte er niet zuiver in past. Denk aan een erker met een puntige, veelhoekige plattegrond, waarbij elk zijvlak maar een halve meter breed is. Dan moet elke baan al bij de fabriek versneden worden om aan weerszijden van de hoek te passen, en het aantal versnijdingen wordt hoog in verhouding tot het vlak. Het resultaat is een hoek met veel korte plaatstukken dicht bij elkaar, wat het beeld van een rustige, doorlopende baan juist tegenwerkt. In zo'n geval kan het verstandiger zijn om voor de smalste zijvlakken van de erker een andere maatvoering te vragen dan voor het hoofdvlak, met platen die speciaal op die breedte zijn afgekort, in plaats van de standaardmaat van 475 millimeter overal door te zetten. Wij denken daar op tekening in mee, zonder kosten voor dat meedenken, juist omdat een erker met veel hoeken op weinig vlak een andere aanpak vraagt dan een dakvlak zonder onderbrekingen.

Er zijn ook situaties waarin zinklook op een erker met veel hoeken domweg niet de eerste keuze is. Een erker met een rond of veelhoekig grondplan waarbij de gevels in een vloeiende bocht overlopen, zonder scherpe kilhoek, vraagt om een materiaal dat zich buigt zonder een zichtbare naad op elke overgang. Stalen felsbanen zijn koud vouwbaar tot -15 graden en lenen zich voor hoeken, niet voor ronde overgangen zonder lijn. Wie op zo'n vorm toch voor het beeld van zink kiest, komt eerder uit bij een andere, gladdere plaatverdeling dan bij felsbanen met een opstaande naad van 35 millimeter, en dat is een gesprek dat wij liever vooraf voeren dan achteraf.

Wie twijfelt hoe de kilhoek van zijn eigen erker gaat uitpakken, kan ons een tekening of een foto van de bestaande situatie sturen. Wij kijken dan mee naar waar de vlakken van uw erker samenkomen en hoe de banen daar het beste op aansluiten, en er zijn monsters van alle drie de kleuren beschikbaar om de lichtval op een hoek in het echt te bekijken.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink