Klikzink

Zinklook of dakpannen bij een schuurwoning

Een schuurwoning heeft de vorm van een schuur en de bewoning van een huis. Die twee dingen wringen soms, en nergens zo duidelijk als op het dak. Dakpannen horen bij het beeld van een boerderij of een klassieke woning: rijen, schaduw onder elke pan, een raster dat je van ver al herkent. Zinklook doet iets anders. Het legt een vlak neer, met dunne lijnen op regelmatige afstand, en verder niets. Geen raster, geen herhaling van een enkel element, maar één doorlopend oppervlak dat over de daklijn heen kan lopen in de gevel.

Dat verschil is geen kwaliteitsverschil. Een rieten dak, een pannendak en een dak in zinklook zijn geen ladder waarbij de een beter is dan de ander. Het is een verschil in karakter. Dakpannen geven een schuurwoning een landelijk, ambachtelijk gezicht, met iets kleinschaligs erin omdat elke pan een klein onderdeel is van een groot geheel. Zinklook geeft een schuurwoning een strakker, moderner gezicht, met iets grootschaligs erin omdat de banen de aandacht op het geheel houden in plaats van op het detail.

Bij een schuurwoning speelt nog iets anders, en dat is precies waarom deze twee naast elkaar gezet moeten worden voor dit gebouw specifiek. Een schuurvorm heeft vaak geen duidelijke knik tussen dak en gevel: het dak loopt door, of de gevel heeft dezelfde helling als het dak, of de twee vlakken ontmoeten elkaar in een lange rechte lijn zonder dakgoot die het onderbreekt. Bij dakpannen is dat geen probleem, want pannen op het dak en een andere gevelbekleding eronder is een normale combinatie; niemand verwacht dat een pan doorloopt in de muur. Bij zinklook wordt die vraag wel gesteld, en vaak is het antwoord dat de banen wél doorlopen, van nok tot gevelvoet, in één ononderbroken vlak. Dat is een van de dingen die dit materiaal kan en dakpannen niet: één beeld over de hele schuurvorm, zoals we uitwerken bij dak en gevel in één beeld bij een schuurwoning.

Waar dakpannen goed werken

Dakpannen zijn de juiste keuze als de schuurwoning in een omgeving staat waar dat beeld al de norm is: een lint van boerderijen, een dorpsrand met bestaande pannendaken, of een plek waar de welstandscommissie een traditioneel dakbeeld verwacht. Ze zijn ook logisch als de schuurwoning een duidelijk hellend dak heeft met een aparte, verticale gevel eronder; dan is er geen doorlopend vlak nodig en verdwijnt een van de redenen om voor zinklook te kiezen. En dakpannen passen bij een eigenaar die uiteindelijk toch liever het vertrouwde beeld van een boerderijdak wil dan een vlak dat er industrieel bij kan gaan staan, want dat risico is er: zonder ril of micro-lines kan een groot plat vlak in zinklook hard overkomen op een gebouw met een landelijke uitstraling.

Waar zinklook past bij het karakter van de schuur

Zinklook past bij een schuurwoning die bewust af wil van het traditionele boerderijbeeld, of bij een nieuwbouwschuur die de vorm van een schuur heeft zonder de folklore erbij te willen. Het werkt goed als dak en gevel dezelfde helling of dezelfde lijn delen, en als de eigenaar dat wil laten zien in plaats van verstoppen. Een baan van vijf meter die over de nok heen doorloopt naar de gevel, zonder onderbreking, laat de vorm van het gebouw zien zoals die is: één volume, geen opgeplakt dak op een los onderstel. Welke baanbreedte daarbij past en hoe je de schaal van zo'n vlak beheerst, leest u terug bij de baanbreedte en de schaal bij een schuurwoning.

Wat hierbij ook meespeelt is de kleur en de glans. Dakpannen zijn er in warme, matte roodbruine en antracietkleuren die met het landschap meebewegen. Zinklook is er in drie donkere, koele tinten met een glansgraad onder de 5, wat betekent dat het licht dof teruggeeft in plaats van te spiegelen. Dat matte karakter is precies waarom mensen bij zinklook uitkomen in plaats van bij een glimmend plaatmateriaal, en het is ook waarom de keuze tussen deze twee zelden alleen over vorm gaat: het gaat ook over warm of koel, over landelijk of terughoudend.

Onderhoud en verandering over tijd

Er is nog een verschil dat de keuze beïnvloedt, en dat is wat er met het materiaal gebeurt over de jaren. Dakpannen verweren, verkleuren soms licht, en kunnen mos of aanslag krijgen, vooral op noordgerichte vlakken. Dat verweren hoort bij het beeld en wordt door de meeste eigenaren geaccepteerd, soms zelfs gewaardeerd. Zinklook in de coating die wij leveren blijft over de jaren vrijwel gelijk aan zichzelf: geen patina zoals echt zink dat wel krijgt, geen kleurverloop dat vergelijkbaar is met verweerde pannen. Wie op zoek is naar een dak dat langzaam ouder wordt en dat laat zien, vindt dat bij dakpannen eerder dan bij zinklook. Wie liever een vlak heeft dat er na tien jaar nog hetzelfde bij ligt, zit bij zinklook goed. Hoe dat er in de praktijk uitziet na verloop van tijd, staat beschreven bij hoe het eruitziet na tien jaar bij een schuurwoning.

Wanneer de een niet werkt en de ander wel

Er zijn een paar situaties waarin de keuze vrij duidelijk in één richting valt. Bij een dakhelling onder de zes graden vervalt zinklook als optie voor het dakvlak, simpelweg omdat de felsbanen daar niet voor bedoeld zijn; dakpannen hebben op zo'n vlakke helling overigens ook hun grenzen, en dan is er vaak toch een ander materiaal nodig, ongeacht welk beeld men voor ogen had. Bij een schuurwoning in een beschermd dorpsgezicht met een voorschrift voor traditionele pandekking is de keuze al gemaakt voordat het gesprek over beeld begint; wat daar wel en niet kan bij welstand leest u bij welstand en beschermd gezicht bij een schuurwoning. En bij een schuurwoning waar de eigenaar juist de robuuste, ambachtelijke uitstraling van een oude boerderij wil vasthouden, is zinklook, hoe rustig ook uitgevoerd, meestal niet de juiste toon; dat beeld hoort bij pannen, bij een dakrand met overstek, bij de textuur die alleen een gebakken product heeft.

Andersom geldt: bij een schuurwoning die bewust de vorm van een schuur gebruikt zonder de bijbehorende associaties, waar architect en opdrachtgever één rustig volume willen zien zonder onderbreking tussen dak en gevel, is zinklook vaak de enige van de twee die dat kan leveren. Dakpannen op het dak en een andere bekleding op de gevel is altijd een overgang; zinklook op beide is, als de vorm het toelaat, één ononderbroken lijn.

Wat u hiermee kunt

Kijk eerst naar de vorm van uw schuurwoning: loopt het dak door in de gevel, of is er een duidelijke knik met een dakgoot ertussen. Kijk daarna naar de omgeving en naar wat daar al staat, en naar wat welstand daarover zegt. Pas dan is de vraag zinklook of dakpannen een vraag die u met een concreet antwoord kunt beantwoorden, en niet een kwestie van smaak in het abstracte. Voor wie richting zinklook neigt, hebben we in Ede monsters liggen van alle drie de kleuren, en denken we op tekening mee zonder dat daar kosten aan hangen.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink