Klikzink

Zinklook of dakpannen bij een kantoorpand

Bij een kantoorpand staat de vraag zinklook of dakpannen bijna nooit op zichzelf. Ze komt op tafel omdat er al een gevel is getekend met lange lijnen, grote glasvlakken en weinig ornament, en het dak daar ergens boven bij moet passen. Dat is de kern van de keuze: een dakpan geeft een dak een structuur van duizenden kleine eenheden, en zinklook geeft het dak een paar grote, gladde vlakken. Geen van beide is beter gemaakt of beter waterdicht. Het is een verschil in karakter, en dat karakter valt bij een kantoorpand meestal een bepaalde kant op.

Een dakpan is een rasterpatroon. Van dichtbij zie je elke pan, elke overlap, elke schaduwrand die het profiel maakt. Op een pastorie of een rijtjeshuis werkt dat, omdat je dat dak van een paar meter afstand bekijkt, vanaf de stoep of vanuit de achtertuin. Een kantoorpand wordt zelden van een paar meter afstand bekeken. Het staat aan een rondweg, op een bedrijventerrein, naast een parkeerterrein, en het wordt gezien vanuit een auto die er in vijf seconden voorbijrijdt, of vanaf de overkant van een bredere straat. Op die afstand verdwijnt het patroon van een dakpan in een grijzige textuur, en wat overblijft is de vorm van het dak: een rechte lijn, een knik, een dakrand. Zinklook is precies daarop gebouwd. De banen zijn smal, de fels tussen de banen trekt een scherpe schaduwlijn, en van veraf leest dat als een vlak met een paar strepen erin, niet als een oppervlak met duizend onderdelen. Wij werken dat verder uit bij de schaduwlijn tussen de banen bij een kantoorpand, maar de kern is: bij dit gebouwtype telt vlakheid zwaarder dan detail, omdat er zelden iemand dichtbij genoeg staat om het detail te zien.

Dat vlakke karakter is ook waarom zinklook zich goed leent voor een dak dat doorloopt in een gevel, iets wat bij kantoorpanden met een verspringende bouwvorm regelmatig voorkomt. Eén materiaal, één kleur, één richting van de banen over een knik in het gebouw heen, en het oog leest het als een ononderbroken vlak in plaats van als twee verschillende onderdelen die aan elkaar grenzen. Een dakpan kan dat niet; die stopt bij de daklijn en geeft de gevel eronder aan iets anders, bijvoorbeeld stucwerk, hout of een gevelplaat, en dan ontstaat er altijd een knip in het beeld op de plek waar het dak de gevel raakt. Voor een pand waar de architect bewust voor een doorlopende vorm heeft gekozen, is dat knippunt vaak precies wat men niet wil.

Er is ook een moment waarop een dakpan de betere keuze is, en dat zeggen we liever nu dan dat u het er zelf achter komt. Op een kantoorpand met een traditionele, verspringende kapvorm, meerdere hellingen op verschillende hoogtes, dakkapellen en een gevel in baksteen, staat een dakpan gewoon beter. Die combinatie van vormen en materialen is opgebouwd rond kleinschaligheid, en een groot glad vlak zinklook zou daar niet bij passen maar ertegen schuren. Ook bij een verbouwing van een bestaand kantoorpand met een bestaande pannendekking, waarbij alleen een deel van het dak wordt vervangen, is doorgaan met dakpannen vaak de nuchtere keuze; een overgang tussen twee dakmaterialen op één zichtbaar dakvlak valt eerder op dan de keuze voor het ene of het andere materiaal zelf.

Waar zinklook wél voor gebouwd is, is het rechte, moderne kantoorpand: platte of licht hellende daken, soms vanaf een dakhelling van maar een paar graden, gecombineerd met gevels in glas, beton of gevelplaten. Vanaf zes graden is zinklook al toepasbaar, en juist bij die lage hellingen valt een dakpan sowieso af als optie, waardoor de vergelijking in de praktijk vaak niet tussen twee gelijkwaardige alternatieven gaat maar tussen zinklook en een plat dakbedekkingsmateriaal zonder enige textuur. In dat geval geeft zinklook het dak juist meer beeld, niet minder: een plat bitumendak is vanaf de weg vaak helemaal niet te zien, terwijl een licht hellend dak in zinklook wél een vlak en een lijn aan het gebouw toevoegt, zonder de kleinschaligheid van een dakpan.

De schaal van het gebouw speelt hierin mee, en dat is iets anders dan de schaal van het materiaal. Een dakpan blijft altijd even groot, of het dak nu twintig vierkante meter is of tweehonderd. Bij een klein dakvlak geeft dat een prettige, herkenbare textuur. Bij een groot dakvlak van tweehonderd vierkante meter, zoals bij een kantoorpand met een royale plattegrond vaak het geval is, wordt diezelfde textuur op afstand een grijzige deken zonder duidelijke richting. Zinklook schaalt daarin mee met de baanbreedte: banen van 475 mm werkende breedte geven een groot dakvlak een leesbare richting, van de dakrand naar de nok of van de goot naar de daklijn, en die richting is precies wat een groot vlak nodig heeft om niet vlak en dood te ogen. Wij gaan daar dieper op in bij de baanbreedte en de schaal bij een kantoorpand, maar voor de vergelijking hier is het genoeg om te weten dat een dakpan die richting niet geeft; die geeft alleen herhaling.

Er is nog een praktisch punt dat het beeld raakt, en dat is de combinatie van dak en gevel in één opgave. Bij veel kantoorpanden wordt niet alleen het dak vervangen of nieuw ontworpen, maar ook een deel van de gevel, bijvoorbeeld een borstwering, een dakopstand of een technische ruimte op het dak die vanaf de straat zichtbaar is. Dakpannen zijn een dakmateriaal en stoppen daar ook; wilt u dezelfde uitstraling op een verticaal vlak, dan moet u overstappen op een ander product met een andere textuur en vaak een andere kleur. Zinklook is zowel horizontaal als verticaal te leggen in exact hetzelfde materiaal, dezelfde kleur en dezelfde baanbreedte, waardoor dak en gevel als één doorlopend beeld kunnen ogen in plaats van als twee bij elkaar gezochte onderdelen.

Waar we eerlijk over moeten zijn: geen van beide materialen is de neutrale, veilige keuze die overal past. Een dakpan hoort bij een gebouw dat kleinschaligheid en textuur wil laten zien, van dichtbij en van veraf. Zinklook hoort bij een gebouw dat rust, vlakheid en een duidelijke lijn wil laten zien, vooral van veraf beoordeeld. Bij het overgrote deel van de kantoorpanden die wij tegenkomen, rechte volumes, platte of flauw hellende daken, gevels in glas of beton, is dat laatste de uitkomst, maar het is de vorm van uw gebouw die dat bepaalt, niet een algemene voorkeur voor het één of het ander.

Heeft u een tekening van het pand, dan kijken wij daar kosteloos naar mee en zeggen we u concreet of zinklook bij deze vorm past of dat een dakpan hier eigenlijk de logischere keuze is. Er liggen ook monsters van de drie kleuren klaar bij Klikzink aan de Boylestraat 22 in Ede, zodat u het matte oppervlak in de hand kunt houden voordat u een knoop doorhakt.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink