Klikzink

Wanneer zinklook niet past bij een aanbouw

Een aanbouw staat tegen een bestaand huis aan, en dat bestaande huis heeft al een gezicht: een kleur baksteen, een dakvorm, misschien al zink of een ander metaal op een erker of dakkapel. De vraag die bij een nieuwe aanbouw hoort is niet alleen welk materiaal, maar of dat nieuwe stuk zich moet aanpassen aan wat er al staat, of zich er juist van moet onderscheiden. Beide zijn legitieme keuzes. Zinklook is niet in elk van die twee gevallen de juiste.

Als er al echt zink op het huis zit, ligt de valkuil voor de hand. Zit er zink op de bestaande kap, op een dakkapel of op een erker, en wilt u dat de aanbouw daar naadloos bij aansluit, dan is echt zink de eerlijke keuze en zinklook niet. Niet omdat het verschil op de eerste dag opvalt, maar omdat het na een paar jaar wel gaat opvallen: het bestaande zink loopt patina op, wordt dof en ongelijk van kleur op een manier die met de tijd meegaat, terwijl onze coating in kleur blijft zoals hij begon. Naast elkaar, op twee aparte bouwdelen van hetzelfde huis, wordt dat verschil na een tijdje zichtbaar, precies op de plek waar u aansluiting zocht. Wij zijn daar liever eerlijk over dan dat we u een gelijkenis verkopen die na verloop van tijd tegenvalt. Wat het verschil precies is en waar u erop moet letten, leggen wij verder uit bij het verschil met zink.

Daar staat een andere situatie tegenover, die wij minstens zo vaak zien: een aanbouw die zich juist wil onderscheiden van het bestaande huis. Een lage uitbouw aan de achterkant, met een plat of licht hellend dak, tegen een woning met een pannendak en een lichte gevel. Hier is de vraag niet of het materiaal aansluit, maar of het genoeg contrast geeft. Dat is precies waar zinklook wél goed op zijn plaats is, en het is dan ook geen reden om het af te raden. Maar de reden waarom het hier past, is dezelfde reden waarom het bij de eerste situatie niet past: het beeld is strak, herhaalt zich gelijkmatig van baan tot baan, en verandert nauwelijks met de jaren. Dat is precies wat een aanbouw die zich wil afzetten tegen een ouder huis nodig heeft. Voor de vraag hoe dat contrast er precies uitziet in kleur en baanbreedte verwijzen wij liever naar de pagina's die daar specifiek over gaan, want dat is een andere vraag dan deze.

Er is nog een derde situatie waarin zinklook niet de aangewezen keuze is, en die heeft niets met zink te maken maar met de schaal van het gebouw. Een aanbouw is meestal klein: een enkele kap van een paar meter, een stukje gevel van nog minder. Op zo'n klein oppervlak vallen de banen en de schaduwlijn ertussen sterker op dan op een groot dak, simpelweg omdat er weinig banen naast elkaar liggen om het patroon rustig te laten ogen. Bij een aanbouw van twee meter breed heeft u misschien vier banen; bij een loods van twintig meter zijn dat er veertig, en dat oogt heel anders. Wilt u op zo'n klein vlak toch de striping van felsbanen, dan is dat een bewuste keuze en geen fout, maar wie liever een rustig, ononderbroken vlak wil zonder dat de lijnen de aandacht trekken, is bij een ander materiaal of bij een andere uitvoering van het vlak beter af. Wij maken de banen ook met een verstijvingsril of met micro-lines, wat een groot vlak optisch rustiger houdt; op een klein aanbouwdak werkt dat minder goed, juist omdat er te weinig herhaling is om dat effect zijn werk te laten doen.

Een vierde geval waarin wij zinklook afraden voor een aanbouw is wanneer de bestaande woning onder welstand of in een beschermd gezicht valt en de regels een bepaald materiaal of een bepaalde glans voorschrijven. Wij horen regelmatig van architecten dat een gemeente op een bestaand pand een zinken dakrand of -kap heeft goedgekeurd, en dat de aanbouw daarom in dezelfde categorie moet vallen. Soms staat dat zinklook wel toe, soms niet; dat hangt af van hoe de regels precies geformuleerd zijn en of ze uitgaan van het materiaal of van het beeld. Wij gaan daar liever niet op vooruitlopen, en verwijzen graag naar wat wij daarover schrijven bij welstand en beschermd gezicht, want dat is een vraag die per gemeente en per pand verschilt en die u vooraf moet uitzoeken, niet achteraf.

Dan is er nog de situatie waarin de aanbouw een houten gevel krijgt, of een combinatie van hout en metaal. Zinklook kan daar goed bij passen, en wij leggen dat verder uit bij combineren met hout, maar het is geen automatische combinatie. Grijs zink naast onbehandeld hout dat vergrijst met de jaren geeft op een gegeven moment twee vlakken die dezelfde kleurtoon delen zonder dat ze hetzelfde materiaal zijn, en dat kan heel goed werken. Maar bij hout dat behandeld blijft, of bij een warme houtkleur die niet vergrijst, kan een koele, donkere zinklook eerder een contrast geven dat niet bedoeld was. Dat is dan niet een fout van het materiaal, maar van de combinatie, en die combinatie moet u vooraf bekijken, niet achteraf beoordelen.

Waar het op neerkomt is dit: bij een aanbouw is de vraag of u wilt aansluiten bij het bestaande huis of daar juist van wilt afwijken, altijd eerst aan de orde, voordat er over een materiaal gesproken wordt. Wilt u aansluiten bij bestaand zink, dan is zinklook niet de juiste keuze, hoe goed de gelijkenis op de eerste dag ook is. Wilt u afsteken tegen een ouder huis, dan is het vaak wel een goede keuze, en dan wordt de vraag pas relevant welke kleur, welke baanbreedte en welke richting daarbij passen. Is uw aanbouw klein en wilt u een rustig vlak zonder opvallende lijnen, dan is een ander materiaal of een andere uitvoering te overwegen. En valt het bestaande huis onder welstand, dan zoekt u dat eerst uit voordat u een keuze maakt. Wilt u een van deze situaties met ons doornemen aan de hand van een tekening van uw aanbouw, dat kost niets en wij hebben monsters van alle drie de kleuren om naast uw bestaande gevel te leggen.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink