Klikzink

Zinklook of leisteen bij nieuwbouw

Op de tekentafel lijken zinklook en leisteen dicht bij elkaar te liggen. Beide zijn donker, beide zijn mat, beide vermijden de glimmende dakpan die op sommige nieuwbouwkavels net iets te druk staat. Maar wie de twee materialen naast elkaar op een dak legt, ziet meteen dat het beeld niet om kleur draait maar om maat. Leisteen bestaat uit kleine, individuele stukken van misschien dertig centimeter, gelegd in een schubpatroon met honderden schaduwranden. Zinklook bestaat uit banen van bijna een halve meter breed, aflopend van 450 millimeter tot 8 meter lengte, met een paar rechte lijnen per dakvlak. Dat is niet een detail dat u later bijstelt, dat is het hele verschil in hoe een dak op afstand oogt.

Bij leisteen ontstaat de textuur uit herhaling: duizenden kleine schubben die samen een korrelig, licht onregelmatig oppervlak vormen. Van de stoep af smelt dat samen tot een zachte, ietwat ruwe grijstint, maar van dichtbij ziet u telkens een nieuwe rand, een nieuwe overlap, een nieuw stukje schaduw. Bij zinklook werkt het andersom. De rust zit al in het grote vlak; de enige onderbreking is de opstaande fels van 35 millimeter tussen de banen, die als een strakke lijn over het dak loopt. Hoe die lijnen lopen, welke kant ze op wijzen en hoe ver ze uit elkaar staan, bepaalt het beeld net zo sterk als het patroon van de leien dat bij leisteen doet. Wij werken dat verder uit bij [de baanbreedte en de schaal](/zinklook/nieuwbouwwoning/baanbreedte) en bij [de richting van de banen](/zinklook/nieuwbouwwoning/baanrichting), maar de kern is hier: bij leisteen ligt het patroon vast in het legverband, bij zinklook is het een keuze die u nog maakt.

Het moment waarop dat besluit valt

Dat is precies waarom dit onderwerp bij een nieuwbouwwoning anders speelt dan bij een verbouwing. Op een bestaand dak ligt de indeling al vast, van de bestaande dakopbouw tot de plek van de schoorsteen; daar past u het materiaal aan de situatie aan. Bij nieuwbouw is het net andersom. De tekening is nog leeg, de dakvlakken zijn nog rechthoeken zonder banen erop, en dat betekent dat u nu nog kunt bepalen waar een baan precies eindigt ten opzichte van een dakraam, een hoek of de gevellijn eronder. Een baanindeling die symmetrisch om een dakkapel loopt, of die exact aansluit op een gevelopening, kost op de tekentafel niets. Diezelfde indeling achteraf corrigeren, als de eerste banen al gewalst en aangevoerd zijn, kost tijd en materiaal dat u liever niet weggooit.

Bij leisteen is die vrijheid er in mindere mate. De maat van een lei ligt vast, de overlap ligt vast, en de aannemer past het aantal leien per rij aan om op de juiste hoogte uit te komen. Er is precisie, maar niet dezelfde stuurbaarheid: u kunt geen leisteen op de millimeter laten doorlopen tot exact de rand van een dakkapel. Bij zinklook kan dat wel, want de platen worden op maat gewalst en op de millimeter afgekort. Dat is een reden waarom bouwteams die vroeg met de leverancier meedenken, in de praktijk vaker voor zinklook kiezen zodra er bijzondere vormen in het dak zitten, zoals een schuine kap die overloopt in een verticaal gevelvlak.

Waar leisteen wint en waar zinklook wint

Het zou onnodig zijn te doen alsof het antwoord altijd zinklook is. Leisteen heeft een structuur die van zichzelf al onregelmatig is, en op een dak met veel kleine facetten, hoekjes en opkanten kan die kleine module juist beter aansluiten dan een lange rechte baan. Een steil dak met veel kleine dakkapellen, een rond torentje, of een dakvlak dat in stukjes wordt onderbroken door schoorstenen en doorvoeren: daar oogt een fijn schubpatroon vaak natuurlijker dan een paar lange banen die telkens onderbroken moeten worden. Op zo'n dak vraagt zinklook om een oplossing voor elke onderbreking, en dat kan het beeld juist onrustiger maken in plaats van rustiger.

Zinklook wint op het tegenovergestelde: grote, aaneengesloten vlakken, of een combinatie van dak en gevel die als één doorlopend beeld moet werken, zoals wij beschrijven bij [dak en gevel in één beeld](/zinklook/nieuwbouwwoning/dak-en-gevel). Op een nieuwbouwwoning met een enkelvoudige kapvorm, een lange nok en een gevel die in hetzelfde materiaal doorloopt, geeft de lange baan een strakheid die leisteen door zijn eigen schaal niet kan bereiken. Ook op vlakken vanaf een lage helling, waar leisteen technisch of visueel minder goed uit de voeten kan, is een felsdak met banen vanaf zes graden dakhelling inzetbaar.

Gewicht speelt in de afweging soms een rol die niets met beeld te maken heeft maar er wel invloed op heeft: leisteen is aanzienlijk zwaarder dan een stalen felsdak van ongeveer 5 kilo per vierkante meter, en een lichtere dakopbouw geeft de architect in het ontwerp van de draagconstructie iets meer vrijheid, wat weer kan doorwerken in de vorm van het dak zelf.

Wat op de tekening al meebeslist

Op een nieuwbouwkavel ligt er vaak ook een beeldkwaliteitsplan of een welstandstoets, en die kan de keuze tussen twee donkere materialen al voor een deel sturen; dat lichten we toe bij [welstand en beschermd gezicht](/zinklook/nieuwbouwwoning/welstand). Sommige plannen schrijven een schubdekking met leisteen letterlijk voor vanwege de aansluiting bij bestaande bebouwing in de straat, andere laten de keuze open zolang het resultaat donker en mat blijft. Het is dus niet alleen een vraag van architectonische voorkeur; het is ook een vraag die u vroeg met de gemeente of de supervisor moet kortsluiten, voordat u met een van beide materialen aan de tekening gaat werken.

Als de keuze eenmaal op zinklook valt, is de volgende stap het vastleggen van de banen zelf: waar ze beginnen, hoe breed ze zijn, en welke kant ze op lopen ten opzichte van de voordeur of de nokrichting. Dat is precies het moment waarop wij als leverancier meedenken op tekening, zonder kosten, en waarbij u de drie beschikbare kleuren, Nordic Night Black, Slate Grey en Metallic Dark Silver, ook als fysiek monster kunt bekijken voordat er iets gewalst wordt. Leisteen kent die stap niet op dezelfde manier: de maat van de lei ligt vast voordat het ontwerp goed en wel begint.

Wat u nu kunt doen

Als uw dakvlakken nog rechthoeken op papier zijn, is dit het moment om de indeling te laten meewalsen naar de vorm van het dak, in plaats van het dak achteraf aan een standaardmaat aan te passen. Neem de tekening mee naar Klikzink, Boylestraat 22 in Ede, en laat de banen op maat berekenen voordat de eerste plaat gewalst wordt.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink