Klikzink

Zinklook carport: liggend of staand leggen

Een carport is een van de weinige gebouwen waar u het dak voor een groot deel van onderaf bekijkt. U staat ermee onder, u fietst er onderdoor, u parkeert de auto en kijkt omhoog terwijl u het portier opent. Bij een woonhuis of een loods ziet u het dakvlak vooral van opzij of van veraf; bij een carport is de onderkant van het dak een deel van het dagelijkse beeld. Dat verandert de vraag over de richting van de banen.

Banen die in de lengte van de carport lopen, liggend dus, benadrukken de breedte van de kap. Bij een carport voor twee auto's naast elkaar geeft dat een rustig, breed vlak met een paar lange schaduwlijnen. Staat u ervoor, dan ziet u een horizontaal ritme dat de carport lager en gedrongener laat lijken dan hij is. Van onderaf, terwijl u instapt, ziet u vooral één of twee lange banen naast elkaar: rustig, maar ook een beetje kaal als de overspanning breed is en er weinig banen nodig zijn om die te dekken.

Banen die dwars over de kap lopen, van de ene rand naar de andere, staand ten opzichte van de rijrichting, geven een ander beeld. Van opzij oogt de carport smaller en hoger op de kap, met meer schaduwlijnen naast elkaar. Van onderaf, en dat is hier de belangrijkste plek, ziet u een reeks korte banen die elkaar in een vast ritme afwisselen. Bij een carport van normale breedte, zeg tussen de drie en zes meter, geeft dat een geleding die net zo goed zichtbaar is als je op je rug in de auto zit als wanneer je ervoor staat.

Welke van de twee bij een specifieke carport beter werkt, hangt af van de vorm. Een lange, smalle carport voor drie auto's op een rij wint bij liggende banen: die versterken de lengte niet nog verder en houden het dak rustig. Een vierkante of bijna vierkante carport, zoals je vaak bij een enkele auto tegen de zijgevel van een woning ziet, wint eerder bij staande banen, omdat die de kap richting geven die hij anders niet heeft. Zonder richting op een klein, plat dakvlak valt het beeld snel samen tot één grijze of zwarte vlakte zonder maat.

De dakhelling speelt hier ook een rol, en dat is precies waar de keuze verkeerd kan uitpakken. Zinklook is toepasbaar vanaf zes graden, en een carport heeft vaak precies zo'n lage helling omdat je geen hoog dak boven een parkeerplek wilt. Bij een helling die dicht bij dat minimum ligt, ziet u het dakvlak bijna recht van boven als u ernaast staat, en bijna recht van onderen als u erdoorheen loopt. Staande banen die van voor naar achter over een flauwe kap lopen, vallen dan optisch samen met de dakrand en worden moeilijk te onderscheiden van een vlak zonder banen. Liggende banen blijven in die situatie duidelijker leesbaar, juist omdat de schaduwlijn dan haaks op uw kijkrichting staat in plaats van ermee mee te lopen.

Er is nog een reden om bij een carport goed naar de onderkant te kijken, en die heeft niets met de rijrichting te maken maar met de plaats van de dakrand. Bij een carport met een overstek aan de voorzijde ziet u de onderkant van dat overstek van dichtbij, op ooghoogte bijna, terwijl u naar de auto loopt. Daar valt de fels het meest op: het opstaande randje van 35 millimeter tussen de banen tekent zich tegen het licht van de lucht juist scherper af dan wanneer u van boven naar het dakvlak kijkt. Bij liggende banen ziet u die fels als een enkele lange lijn evenwijdig aan de rand; bij staande banen ziet u een reeks korte lijnen die het overstek in stukken verdeelt. Voor een smal overstek van een halve meter is dat laatste al snel te veel geleding voor te weinig vlak, en dan is liggend de rustigere keuze.

De keuze voor een van de twee richtingen verandert niets aan de kleur of de manier waarop de coating verweert; dat leest u uitgebreider in wat wij schrijven over hoe het beeld er na tien jaar bij een carport uitziet. Wel raakt de richting de manier waarop u het gebouw als geheel leest, dak en gevelbekleding samen. Heeft de carport een dichte zijwand die in dezelfde banen is uitgevoerd als het dak, dan is het de moeite waard om de richting van dak en wand op elkaar te laten aansluiten of er bewust een contrast van te maken; dat is een andere afweging dan wij bespreken bij dak en gevel in één beeld bij een carport.

Voor een vrijstaande carport zonder gevels, alleen kolommen en een kap, blijft de onderkant het enige vlak dat echt zichtbaar is. Daar is de vraag niet ingewikkeld: kijk vanaf de plek waar u straks de auto parkeert of naar de weg waarlangs u erlangs fietst, en beoordeel van daaruit of een reeks korte lijnen of een paar lange lijnen bij de maat van dat dak past. Bij twijfel werken wij dat op tekening uit, zonder kosten, en met een monster van de kleur die u overweegt erbij; dan ziet u de schaduwlijn in de richting die bij uw carport past voordat er iets wordt geplaatst.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink