Klikzink

Zinklook horecagebouw tussen de bomen

Een horecagebouw dat tussen bomen staat, wordt nooit door één licht beschenen. De kroon boven het terras filtert de zon, breekt hem in vlekken, en die vlekken bewegen de hele dag door over het vlak. Op een vrij veld valt het licht vlak en gelijk over een gevel; onder bomen valt het gebroken, wisselend, en soms helemaal niet. Dat is geen detail dat u kunt negeren als u een kleur en een baanrichting kiest, want het bepaalt hoe vaak en hoe sterk de schaduwlijnen tussen de banen zichtbaar worden.

De fels tussen de banen van 475 millimeter geeft een gevel zijn karakteristieke striping, een scherpe lijn die het licht nodig heeft om te tekenen. Bij fel, laagstaand licht is die lijn duidelijk, bij vlak overheadlicht vervlakt hij. Onder bomen wisselt dat om de paar minuten, met de wind in de bladeren. Een terras onder een grote kastanje ziet zijn gevel dus niet één keer per dag veranderen zoals bij een vrijstaand pand, maar continu, in kleine schoksgewijze bewegingen van licht en schaduw over de banen. Dat effect is ongeveer hetzelfde bij vlakke platen, platen met verstijvingsril en platen met micro-lines, maar de laatste twee houden het grote vlak rustiger als de schaduwvlekken groot en grillig zijn. Bij een volledig vlakke plaat kan wisselend schaduwlicht op een groot dakvlak juist onrustig ogen, omdat elke onvlakheid in het metaal zichtbaar wordt zodra er contrast op valt.

Bladgroen kleurt het licht dat erdoorheen komt, en dat is iets anders dan alleen minder licht. Onder een dichte kroon krijgt daglicht een groene ondertoon, vergelijkbaar met licht dat door een groen glas valt. Op een lichte, warme gevelkleur is dat nauwelijks te zien, maar op de matte, koele kleuren die bij zinklook horen, kan het opvallen. Metallic Dark Silver, met zijn grijszilveren ondertoon, kan onder een dichte boomrand een subtiel groenige gloed krijgen die er in open veld niet zou zijn. Slate Grey, met zijn warmere, neutralere grijs, absorbeert die groene ondertoon minder duidelijk. Nordic Night Black laat er vrijwel niets van zien, simpelweg omdat een donkere kleur weinig licht teruggeeft om te laten kleuren. Bij een horecagebouw dat pal tegen dichte bladerdak aan staat, is dat een reden om niet automatisch voor de lichtste van de drie kleuren te kiezen: hoe lichter en koeler de kleur, hoe gevoeliger voor de kleur van het licht dat erop valt.

Het contrast met de omgeving werkt twee kanten op. Overdag, tussen het groen van bladeren en het bruin van stammen, steekt een donkere gevel als Nordic Night Black minder af dan een lichte; hij smelt eerder samen met de schaduwpartijen onder de kroon. Een lichtere kleur zoals Metallic Dark Silver trekt in die omgeving juist de aandacht, wat precies de bedoeling kan zijn als het gebouw zich als herkenningspunt tussen het groen wil tonen, of averechts kan werken als het net de bedoeling was dat het gebouw in het bos oploste. Wij zien geregeld dat een keuze op tekening, in een kantoor zonder groen ernaast, er anders uitpakt zodra het gebouw er echt tussen de bomen staat. Een steekproef op locatie, met een plaatmonster tegen de bestaande begroeiing gehouden op een bewolkte en een zonnige dag, zegt meer dan een tekening.

Een tweede laag ontstaat zodra het licht van buiten wegvalt en het licht van binnen overneemt. Een horecagebouw draait 's avonds op kunstlicht: terraslampen, gevelspots, het licht dat door de ramen naar buiten valt. Onder bomen is dat verschil tussen dag en avond groter dan in open veld, omdat er overdag al minder direct zonlicht op de gevel komt en 's avonds de bomen zelf ook nog een rol spelen. Een boomkroon houdt strooilicht van straatverlichting of buren tegen, waardoor het rond het gebouw 's avonds donkerder is dan op een kaal terrein, en het eigen kunstlicht van het gebouw relatief meer werk moet doen om de gevel iets te laten zien.

De glansgraad van de coating, onder de 5, zorgt ervoor dat gevelspots niet als felle punten terugkaatsen zoals op een blinkend materiaal, maar zacht uitvloeien over het vlak. Onder bomen is dat prettig, omdat het licht toch al gebroken en diffuus is: een dof oppervlak past bij die sfeer, een glanzend oppervlak zou een hardere, technischere indruk geven die niet aansluit bij een terras onder de takken. Spots die van onderaf tegen de gevel schijnen, laten de fels tussen de banen als een reeks verticale of horizontale schaduwstrepen zien, afhankelijk van hoe u de banen legt; die belichting kan de striping 's avonds juist sterker tonen dan het gebroken daglicht overdag ooit doet. Wilt u dat de banenstructuur 's avonds het gezicht van het gebouw is, dan is uitlichten vanaf de grond een manier om dat te bereiken die bij daglicht onder een boomkroon niet vanzelf gebeurt.

Bomen groeien, en dat is misschien het punt waarop deze omgeving het meest afwijkt van een gebouw op een kaal terrein. Een kroon die nu nog jong en open is, kan over een aantal jaren dichter en groter zijn, met meer schaduw en een dieper groene filtering van het licht. Een gevelkeuze die nu goed werkt bij het huidige licht, kan er over enkele jaren anders bij staan zodra de begroeiing is uitgegroeid. Dat is geen reden om nu al voor de donkerste kleur te kiezen uit angst voor de toekomst, maar wel een reden om bij de keuze rekening te houden met de richting waarin de beplanting zich ontwikkelt, en om niet te rekenen op een lichtinval die over tien jaar wellicht anders is.

Vuil en aanslag onder bomen verdienen hier nog een aparte opmerking, niet als onderhoudsvraag maar als beeldvraag. Onder een kroon vallen blad, pollen en soms hars op een gevel neer, en dat gebeurt ongelijk verdeeld: recht onder de dichtste takken meer dan aan de randen. Op een lichte kleur is dat sneller zichtbaar als vlekkerig patroon dan op een donkere. Dat is op zichzelf geen argument om voor Nordic Night Black te kiezen, maar wel iets om mee te wegen als het gebouw pal onder een grote kroon staat in plaats van aan de rand van een groep bomen.

Voor een horecagebouw tussen de bomen is er dus niet één juiste kleur of richting die voor elk perceel opgaat. Staat het pand aan de rand van een boomgroep, met veel open lucht erboven, dan gedraagt de gevel zich grotendeels als een gevel in open veld, met wisselende schaduwvlekken als extra laag. Staat het pand er middenin, onder een dichte kroon, dan is het de moeite waard om het plaatmonster ook echt op die plek te bekijken, op een bewolkte dag en bij avondlicht, voordat de kleur vastligt. Bij Klikzink in Ede liggen monsters van alle drie de kleuren klaar, en denken wij op basis van uw tekening en de situatie op het terrein mee over wat op deze specifieke plek onder de bomen het beste werkt.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink