Klikzink
Een terras dat om zes uur 's avonds vol loopt, kijkt tegen een andere gevel aan dan de fietser die er om twee uur 's middags langsrijdt. Overdag doet de gevel het met daglicht, dat gelijk over het vlak valt en alles even hard toont: vetvegen bij de afzuiging, spatwater onder de dakrand, een grijze waas van straatstof op ooghoogte. 's Avonds neemt kunstlicht het over, meestal van onderaf of vanaf de zijkant, en dat licht is genadelozer dan daglicht voor iedere plek waar het oppervlak niet meer gelijk is. Juist bij een horecagebouw, waar de gevel na sluitingstijd nog een paar uur in de schijnwerpers staat, telt schoonmaken dus dubbel: het gaat niet alleen om wat er overdag te zien is, maar ook om hoe het oppervlak 's avonds het licht teruggeeft.
De coating op onze stalen banen is dof gehouden met een glansgraad onder de 5. Dat is een bewuste keuze: een laag glans zorgt dat het oppervlak licht verstrooit in plaats van het te spiegelen, en dat is precies wat zink-uiterlijk geloofwaardig maakt. Die dofheid is een eigenschap van het oppervlak zelf, niet van een laagje vuil erop, en dat verschil is bepalend voor wat er met schoonmaken gebeurt. Vuil verwijderen kan de dofheid intact laten. Schuren, boenen of met de verkeerde middelen werken kan de coating juist beschadigen, en dan verandert de glansgraad blijvend op de plek waar geschuurd is. Onder daglicht valt dat soms nog mee. Onder een strijkend schijnwerperlicht, zoals bij veel horecagevels 's avonds gebruikt wordt, ziet u een schuurplek als een lichte vlek die er overdag niet zo hard uitzag.
De coating, GreenCoat Pural BT, is een organische laag van 50 micrometer op verzinkt staal. Die laag is er om weer en vervuiling te weerstaan, niet om tegen schuurpapier te kunnen. Schoonmaken met water, een zachte doek of borstel en een neutraal reinigingsmiddel is in de regel geen probleem. Wat de coating wel aantast: schurende middelen, staalborstels, hogedrukreiniging van dichtbij en op hoge druk, en oplosmiddelen die niet voor gecoat staal bedoeld zijn. Bij een horecagebouw komt daar een specifiek risico bij dat andere gebouwen minder hebben: vet. Een afzuigkanaal dat op of langs de gevel uitmondt, zet in de loop van maanden een vetfilm af die zich anders gedraagt dan gewoon straatvuil. Vet trekt in een dof oppervlak makkelijker in dan in een glanzend oppervlak, en de reflex om het dan harder te gaan schrobben is precies de reflex die de coating beschadigt. Beter is vet vroeg aanpakken, met een middel dat voor vet is gemaakt en niet voor roest of kalk, en niet wachten tot het is ingebrand door de zon op een zuidgevel.
Een tweede risico dat bij horeca vaker voorkomt dan bij een woonhuis is frituurdamp en rookgas van een houtoven of pizzaoven. Die neerslag is vettig en kleeft, en wordt onder kunstlicht 's avonds soms sneller zichtbaar dan overdag, omdat schuin invallend schijnwerperlicht een matte film anders toont dan vlak daglicht. Dat is geen reden om vaker te schuren, wel een reden om de afzuiging en de plek van de lichtarmaturen mee te nemen in het ontwerp: een spot die recht op een vetplek schijnt, maakt zichtbaar wat bij een andere lichtopstelling onopgemerkt was gebleven.
Schoonmaken haalt vuil weg, geen krassen en geen schuurplekken. Als de coating eenmaal beschadigd is, blijft die beschadiging zichtbaar, ook na reinigen. Dat is een ander verhaal dan bij zink zelf, waar krassen in het patina met de tijd weer dichtgroeien. Onze stalen banen doen dat niet: wat er in het oppervlak gebeurt, blijft erin staan tot de baan vervangen wordt. Voor een horecagebouw betekent dat vooral iets voor de plekken waar mensen dicht bij de gevel komen: een lage gevelplint naast het terras, een hoek bij de fietsenstalling, een plek waar kratten worden neergezet tijdens het laden. Die plekken verdienen bij het ontwerp al aandacht, bijvoorbeeld door er een andere afwerking of een beschermrand te plaatsen, in plaats van te vertrouwen op voorzichtig schoonmaken achteraf.
Er zijn situaties waarin een matte zinklook gevel bij een horecagebouw niet de goede keuze is, en dat is eerlijker om hier te zeggen dan het te verzwijgen. Als de exploitant 's avonds juist een gevel wil die oplicht en spiegelt, om de zaak van veraf te laten opvallen in een winkelstraat of uitgaansgebied, werkt een dof oppervlak tegen die wens in. Mat is gemaakt om licht te verstrooien, niet om het terug te kaatsen, en dat is precies waarom het overdag rustig oogt en 's avonds ingetogen blijft onder schijnwerpers. Wie 's avonds een uithangbord-effect wil, met een gevel die van drie straten verderop opvalt, kiest beter een ander materiaal of een andere afwerking dan deze matte staalbanen.
Ook bij een gevel die bijna continu blootstaat aan frituurvet, zoals bij een frituur of grillrestaurant met de afzuiging vlak op de gevel gericht, is schoonmaken zonder schade een terugkerende opgave die niet vanzelf verdwijnt. In zo'n geval is het overleggen waard of de afzuiging anders gepositioneerd kan worden, of dat er voor die ene zone een ander, minder vuilgevoelig materiaal komt, met de zinklook banen op de rest van de gevel waar geen vetdamp op neerslaat.
We leveren de banen in drie kleuren, Nordic Night Black, Slate Grey en Metallic Dark Silver, en van alle drie zijn monsters beschikbaar om te bekijken hoe ze zich onder verschillend licht gedragen, ook onder kunstlicht als u die gelegenheid heeft. Meedenken over waar op de gevel welke belasting te verwachten is, bijvoorbeeld bij een afzuigpunt of een lage plint naast het terras, kost niets en gebeurt het liefst al op de tekening, voordat de banen gewalst zijn. Zo hoeft schoonmaken achteraf geen reparatie te worden van een probleem dat bij het ontwerp al te voorzien was.